Teenslippers Vorige week ging ik op zoek naar stevige teenslippers. Het was een zonnige dag, ik had de zomer in mijn kop en was dan ook op zoek naar bijpassende aankleding voor het andere uiteinde van mijn lichaam. Bij de eerste de beste schoenenzaak liep ik daarom naar binnen en stond niet veel later voor het rek met de juiste maat. Mijn doel lag binnen handbereik. Het probleem was dat ik door de vele visuele prikkels, van stickers in verschillende kleuren en posters met aanbiedingen aan de wand, geen zicht meer had op de vraagprijs van de slipper in mijn hand. Ik besefte me dat ik ook geen idee had van hoeveel zo'n ding eigenlijk normaal zou moeten kosten. Een ding was me inmiddels echter wel duidelijk: het was niet de prijs die de sticker op de slipper aangaf.

Een schone dame trok mijn aandacht. Ze zag er bepaald niet onaantrekkelijk uit en had me waarschijnlijk peinzend zien staan. 'Kan ik helpen?' vroeg ze in het voorbijgaan terwijl ze voor een andere klant in de weer was. Mijn niet eens gestelde vraag -die ze van mijn houding met de slipper in de hand en de uitdrukking op mijn gezicht waarschijnlijk aflas, was met haar opmerking in combinatie met wat simpel rekenwerk van mijn kant in een oogwenk beantwoord. Ik wist met het dankwoord in eenzelfde tijdspanne zelfs nog een rake opmerking te plaatsen. Het ijs was gebroken en oogcontact gemaakt. Zij vervolgde haar weg richting het magazijn en ik keek haar van binnen al een klein beetje smachtend na.

Een kleine verkleedpartij aan mijn voeten en een paar regendansjes rond het krukje later had ik de ideale teenslipper gevonden. Na mijn schoenen weer gestrikt te hebben vervolgde ik mijn weg richting de toonbank. Daar trof ik haar weer.

'Deze wil ik' zei ik. 'Wil je de andere er ook niet bij?' vroeg ze. En na het uitwisselen van nog wat andere kwinkslagen stond er niet veel later een schoenendoos met daarin twee mooie teenslippers op de toonbank. 'Wil je de andere niet passen?' vervolgde ze. Maar ik had net de sokken weer aangetrokken en mijn schoenen gestrikt. Bovendien leek het mij niet zo'n goed idee zo'n mooie vrouw maar meteen met de aanblik van mijn blote voeten te confronteren. Daarvoor zou ik haar misschien eerst eens uit eten moeten nemen. Ik had bovendien ook het plan opgepakt eventjes langs de pedicure te gaan voordat ik de teenslippers zou gaan dragen. Ik bedankte haar daarom vriendelijk voor haar aanbod en wist uiteindelijk deze horde, zonder teenslippers, vol zelfvertrouwen en gemak te nemen.

Ik rekende af en keek haar glimlachend aan. De glimlach bleef niet onbeantwoord en ik voelde iets bij de blik die ik door haar toegeworpen kreeg. Het was een mooie lach op een warme lente dag en de vlinders vlogen niet alleen buiten, maar nu ook rond in mijn hoofd.

Ze vroeg of ik er een tasje bij wilde maar ik sloeg dat aanbod vanuit mijn diepgewortelde milieubewustzijn direct af. Ik bukte voor de toonbank, opende mijn tas en zag tot mijn ontzetting dat daar krap plek was voor een paar teenslippers. En de enorme schoenendoos zou er al helemaal niet bij passen. Ik richtte me daarom op en schoof deze, haar strak aankijkend en vergezeld door de droge woorden 'en een doos wil ik ook niet!', over de toonbank naar haar terug.

Ik las meteen aan haar blik af dat er iets in haar stemming veranderd was. Maar kon het gevoel niet direct plaatsen. Een verlegenheid maakte zich van mij meester en de slippers gleden tijdens dit ongemakkelijke stiltemoment in de tas. Tijdens het vertrek draaide ik me nog eventjes, al zwaaiend en met een poging tot een onschuldige glimlach, groetend om.

Pas na het verlaten van de winkel besefte ik me dat ik bij die laatste opmerking misschien onbedoeld iets teveel de nadruk had gelegd op het woord 'doos'. Had ik haar misschien onbewust beledigd? Ik had er meteen een beetje spijt van er niet op een verontschuldigende manier aan te hebben toegevoegd dat ik weliswaar geen doos wilde maar haar niet onder die categorie zou willen scharen. Integendeel. Ze had er vast om moeten lachen.